Browser Tip

Door gelijktijdig 'CTRL met +' in te toetsen vergroot je het browser scherm. Door gelijktijdig 'CTRL met -' in te toetsen verklein je het browser scherm.

Currency-Barometer

Fotowedstrijd

Website door:

Gedragscode voor de Recreatieve luchtvaart

Inleiding
Het doel van de gedragscode is om vliegtuigbestuurders in de (ongemotoriseerde en gemotoriseerde) recreatieve luchtvaart een houvast te bieden bij het bepalen van normen bij het vliegen in de nabijheid van natuurbeschermingsgebieden, aaneengesloten bebouwing, verzamelingen van mensen en evenementen.

Het hanteren van deze code en het daarbij vereiste vliegerschap is een belangrijke voorwaarde voor het draagvlak van de luchtvaart bij de Nederlandse bevolking en het voorkomt mogelijk nadere regelgeving door de overheid. Vliegtuigbestuurders zijn op de naleving van gedragscodes aanspreekbaar; wanneer zij zich er niet aan houden, kan dat binnen de organisatie waar zij deel van uitmaken sancties tot gevolg hebben.

Uitgangspunt blijft echter de eigen verantwoordelijkheid van de vliegtuigbestuurder.

Deze gedragscode is voor alle vliegtuigbestuurders in de recreatieve luchtvaart en mag aangemerkt worden als een aanvulling op alle wettelijke plichten en op de reglementen die voor de luchtvaart zijn vastgesteld. Het gaat er om te bewerkstelligen dat men bij het uitoefenen van de hobby of sport steeds vanuit de juiste houding handelt. Dat men meer en eerder bij zichzelf te rade zal gaan of men kan verantwoorden dat men iets doet of nalaat.

Vliegtuigbestuurders dienen zich te realiseren dat ze op hun gedrag kunnen worden aangesproken. Van elke vliegtuigbestuurder wordt verwacht dat hij of zij deze gedragscode onderschrijft.

De code bestaat uit twee onderdelen. Deel I beschrijft een aantal kernbegrippen van verantwoord vliegerschap en bieden algemene uitgangspunten voor de gedragscode. Deel II bevat de feitelijke gedragsregels.



Deel I. Kernbegrippen van verantwoord vliegen

Vliegtuigbestuurders stellen het op verantwoorde wijze uitvoeren van de vlucht centraal. Het zo min mogelijk verstoren van het leefklimaat is daarvan een onlosmakelijk onderdeel. Verantwoord vliegerschap houdt in dat vliegtuigbestuurders bij hun handelen een veilige vluchtuitvoering centraal stellen en de bereidheid tonen om daarover verantwoording af te leggen. Verantwoording wordt intern afgelegd aan het bestuur en eventueel de algemene vergadering van de organisatie waar men lid van is, maar ook extern aan organisaties en overheden die aangesproken kunnen worden op het handhaven van het leefklimaat voor de gemeenschap. Een aantal kernbegrippen is daarbij leidend en plaatst de integriteit in een breder perspectief:

Professionaliteit
Het handelen van een vliegtuigbestuurder is altijd en volledig gericht op een verantwoorde operatie in het belang van de externe veiligheid en het voorkomen van overlast.

Functionaliteit
Het handelen van een vliegtuigbestuurder stemt overeen met de door hem vooraf geplande vluchtuitvoering.

Onafhankelijkheid
Het handelen van een vliegtuigbestuurder wordt gekenmerkt door zelfstandigheid. Hij of zij zal zich niet laten afleiden van correcte uitvoering van de vlucht anders dan door operationele overwegingen.

Openheid
Het handelen van een vliegtuigbestuurder is transparant. Indien vereist of gewenst zal volledig inzicht kunnen worden gegeven in alle fasen van de vlucht.

Betrouwbaarheid
Op een vliegtuigbestuurder moet men kunnen rekenen. Die houdt zich (afgezien van externe operationele omstandigheden) aan zijn vliegplan en voornemens, behoudens operationele noodzakelijkheden.

Zorgvuldigheid
Een vliegtuigbestuurder bereidt zijn vlucht nauwkeurig voor, zorgt voor een accurate, elk risicomijdende, vluchtuitvoering en gedraagt zich ďals een heer in het luchtverkeerĒ.

Deze kernbegrippen zijn de toetssteen voor de volgende gedragsafspraken. Gedragingen moeten aan deze kernbegrippen getoetst kunnen worden.



Deel II. Gedragscode voor bestuurders van luchtvaartuigen

1 Algemene bepalingen
1.1 Deze gedragscode geldt voor alle bestuurders van luchtvaartuigen in de ongemotoriseerde en de gemotoriseerde recreatieve luchtvaart.
1.2 De code is openbaar en door derden te raadplegen.
1.3 Organisaties in de recreatieve luchtvaart stellen deze code bekend bij alle bestuurders van luchtvaartuigen die zich onder hen hebben verenigd, of van de aangeboden diensten gebruik maken.
1.4 Organisaties kunnen wegens schending van de gedragscode besluiten tot maatregelen.
1.5 Jaarlijks vindt binnen de recreatieve luchtvaart een evaluatie plaats over de wijze waarop de gedragscode is nageleefd en de eventuele maatregelen die zijn genomen.

2 Operationele richtlijnen
2.1 Bij de planning en tijdens de vluchtuitvoering zullen de volgende gebieden in principe zoveel als mogelijk worden vermeden:
  • Natuurbeschermingsgebieden
  • Aaneengesloten bebouwing
  • Verzameling van mensen
  • Evenementen.

2.2 Indien het overvliegen van voornoemde gebieden niet valt te vermijden zal een vlieghoogte van tenminste 1000ft AGL worden aangehouden, behoudens beroepsmatige noodzaak.

2.3 Bij het vliegen over of in de nabijheid van voornoemde gebieden zal in principe koers, snelheid en tenminste de minimum voorgeschreven hoogte worden behouden of tijdig naar die hoogte worden geklommen.

2.4 Indien door operationele omstandigheden van het oorspronkelijke plan moet worden afgeweken en de onder 2.1 genoemde categorieŽn worden overvlogen zal de vliegtuigbestuurder hiervan expliciet melding maken binnen zijn of haar organisatie. Hij of zij zal directe actie ondernemen als het feit dat naar zijn of haar oordeel rechtvaardigt.


bron: KNVvL




tip: De gedragscodes op een handig BeNeLux frequentiekaartje van de AOPA.